Nguyên Ngôn


Opgesloten in vrijheid

.

Dagen zijn voorbijgegaan!...

Maanden zijn voorbijgegaan!...

Jaren zijn voorbijgegaan!...

De tijd is onverschillig voorbijgegaan!... Al drieëntwintig jaar lang. Drieëntwintig jaar, sinds dertig april negentienvijfenzeventig, woont mevrouw Kim in Nederland samen met… het portret van haar man! Dagelijks praat zij en eet zij samen met het portret. Bij de maaltijd zijn er altijd twee kommen, twee paar stokjes op de eettafel: één voor haar en één voor haar man. In de donkere zitkamer op de tweede verdieping van een oude flat aan de gele muur hangt een grote foto van haar man. Hij was een beroemde Zuid-Vietnamese luitenant-generaal.

***

Veertig jaar geleden: het was nog vrede in Vietnam. Haar stad was een paradijs aan de Stille Oceaan (Pacific Ocean). De  door het helderblauwe water weerspiegelde kokosbomen floten een eeeuwige, zachte medodische uitnodiging. De schone kust met het witte zand wachtte nog steeds de geliefde zeeman. In de zomer werd de hele stad door het bloeien van duizenden bomen rose gekleurd. De stad werd voor de poëtische en romantische mensen gespaard.

Het is al zes uur. De avondschemering heeft de sfeer oranje gekleurd. De vanuit de oceaan gekomen zachte, frisse lucht heeft de hele stad aangename gevoelens gebracht. Mevrouw Kim wil haar apotheek afsluiten. Maar…

Tegenover haar apotheek, op de stoep, onder de roze bloemen staat hij nog steeds op haar te wachten, zonder afspraak en ook misschien “tegen haar wil”. Wellicht staat hij daar al lang. Al een week staat hij daar om half zes, iedere dag. Hij zegt niets. Hij doet niets. Hij kijkt alleen naar haar. Zij voelt zich als het ware blootgesteld aan de staling van zijn ogen. Zij kan niet tegen deze blikken. Haar hart gaat sneller en harder kloppen. Zij bloost van verlegenheid. Zij wil iets doen tegen hem. Zij wil zich verzetten tegen die “brutale” man. Maar zij is machteloos. Zij weet niet welke protesthouding in deze situatie gepast is. Zij wil vluchten. Maar waarheen? en waarom?...

Een jaar later zijn ze getrouwd, toen haar man generaal-kolonel was.

***

Behalve zijn roem en glorie heeft hij verder niets. Zij richtte een veeboerderij op. Haar boerderij groeide snel tot het niveau daat zij varkens kon exporteren naar de buurlanden. Ze hadden de top van de wensen van de mensheid bereikt: rijkdom, glorie, macht.

De gelukkige dagen waren snel voorbij. De Vietnamese oorlog werd feller en breidde zich uit tot heel Zuid-Vietnam. Haar man was niet vaak thuis. De oorlog eiste zijn volledig aandacht op. Hij wou en één keer een eind maken aan deze oorlog.

In het jaar 1967 werd hij opperbevelhebber over een militaire zone in het midden van Vietnam. In het jaar 1971 ontving hij de opdracht de grens tussen Laos en Cambodja (toentertijd volledig onder controle van de communisten) te bevrijden. Hij heeft de opdracht uitgevoerd maar hij ging verder. Binnen drie dagen had hij de helft van deze twee landen bezet. Dat was slecht voor de internationale propaganda voor Amerika. Zijn helikopter werd helaas niet door de communisten maar door een Amerikaanse raket neergehaald! Hij kwam om met elf leden van de commandantstaf.

Na de plechtigheid van de begrafenis van haar man werd de nationale rouw aangekondigd in aanwezigheid van de Vietnamese president en de Amerikaanse ambassade (!)

Mevrouw Kim werd weduwe in haar zevenendertigste levensjaar. In haar eentje moest zij haar gezin redden: haarzelf en haar drie kinderen. Het inkomen van haar veeboerderij garandeerde hun een rijk leven. Maar een ongeluk komt nooit alleen.

Op dertig april negentienvijfenzeventig werd de vlag van de communisten gehesen in de hoofdstad Saigon. Zij werd op het laatste moment door een Amerikaanse helikopter opgehaald. Haar kinderen werden door een andere eenheid meegenomen. Zij wilde absoluut niet naar Amerika, alhoewel dit geregeld was voor haar. Op 1 mei negentienvijfenzeventig kwam zij aan in Parijs. Met behulp van de directeur van Shell werd zij in Nederland toegelaten als vluchteling. Later kreeg zij het berich dat haar kinderen ongedeerd in Canada waren aangekomen.

Zij moest zichzelf redden, zonder bagage zoals kennis over Nederland en de Nederlandse taal en ook zonder bezittingen. Vanaf dat moment moest zij haar leven opbouwen, zonder gereedschap, in een vreemd land.

Tot dan toe blijft zij alleen en knuffelt de pijn van het verlies van haar man, haar grootste held, haar fortuin, haar glorie en haar geliefde.

Zij hoort bij de in Nederland gekomen eerste Vietnamese groep, in de tweede helft van (19)’70. Zij spreek vloeiend Engels en Frans maar geen Nederlands. Haar hoofd was vol met zoete en bittere ervaringen. Er waren geen open plekken voor een nieuwe taal.

Tien jaar geleden kreeg zij een hersentumor. Haar ziekte werd behandeld en zij dacht in paniek tien jaar lang dat zij genezen was. Misschien daardoor is haar gedrag sloom en haar spraak heel langzaam. Haar sloomheid, haar gebrekkig Nederlands en haar zware verleden belemmeren haar contact met de buitenwereld. Zij raakt in een isolement. De ontwikkelingen van de samenleving gaan snel. Maar mevrouw Kim is afgesloten van de buitenwereld.

.

Nguyên Ngôn

 

Direct link: http://www.caidinh.com/Archiefpagina/korteverhalen/opgesloteninvrijheid.htm


Cái Đình - 2021